zondag 17 juni 2018

MA-thesis van Magdaléna Jánošíková over Eliezer Eilburg met aandacht voor #Spinoza



Bij de zoektocht voor vorige blogs kwam ik de volgende MA-thesis tegen: 
Het accent in Magdaléna Jánošíková’s MA-thesis ligt op Eliezer Eilburg, die een eeuw voor Spinoza met controversiële conclusies over Bijbel en wonderen kwam. Nadat ze Abravanel’s filosofie-kritiek heeft besproken, behandelt ze Spinoza’s Tractatus Theologico-Politicus met het doel diens denken over filosofie te vergelijken met dat van Eilburg. Wat betreft Spinoza heeft ze kennis genomen van het in het vorige blog vermelde artikel van J. Samuel Preus - dat was ook de aanleiding die mij de PDF deed ontdekken van haar MA-thesis:
Magdaléna Jánošíková, Eliezer Eilburg: Criticism of Miracles. M.A.-thesis Palacký University Olomouc (Tsjechië), 2012 [PDF]

Meer over haar: Teaching Associate Queen Mary University of London [cf.] Haar foto van de DEMM-pagina first year [2015/2016] PhD student in history at Digital Editing of Medieval Manuscripts (DEMM); haar academia.edu aldaar haar Twitter en Facebook.
Grepen uit de Inleiding:

Interessant te zien hoe snel het vorige blog al via een tweet van Ilyenkov et alia werd doorgegeven - #spinoza

Mét een interessant en passend citaat!



James Samuel Preus (1933 - 2001) “Spinoza has fooled the reader” (waar hij in de TTP Maimonides schreef, bedoelde hij Meijer) #spinoza

James Samuel Nesbitt Preus

Toen ik op 14 juni 2018 het blog bracht over James Samuel Preus (1933 - 2001), besefte ik nog niet dat ik een gezicht had gegeven aan de Spinoza scholar die de these onderbouwde dat Spinoza in de TTP in discussie ging met Lodewijk Meijer’s Bijbelinterpretatie en dat “part of the motivation for writing the Treatise may have been the appearance of Meyers’s work and the responses to it. My conclusion is that Spinoza and Meyer represent coherent and fundamentally opposed approaches to biblical interpretation: philosophical and "historical" - a method Spinoza carefully defines even as he invents it.”
Dit schreef hij in een artikel, waaraan duidelijk veel research ten grondslag lag en dat zes jaar voor zijn Spinoza-boek over de TTP verscheen:
J. Samuel Preus, “A Hidden Opponent in Spinoza's Tractatus.” In: Harvard Theological Review Vol. 88, No. 3 (Cambridge UP, 1995), 361-388 [citaat op p. 367/68] -  NB 't abstract en alle voetnoten zijn te vinden op Cambridge.org.
Die “Hidden Opponent” was Lodewijk Meijer.
Deze stelling heeft Preus uiteraard meegenomen naar zijn boek, zoals blijkt uit deze dia die ene Frans Claes een jaar of drie geleden op internet zette in een diareeks over “Spinoza en de rabbijnse traditie in de Nederlandse Republiek Spinoza Joodse filosoof? debat Spinoza Joodse exegeet? Sutcliffe Spinoza en de rabbijnse.”

 Enige citaten uit dit zeer lezenswaardige artikel:

vrijdag 15 juni 2018

De NWO-Spinoza-en–Stevin-Premies 2018 bekend gemaakt #spinoza



Foto: NWO/Ivo de Bruijn

Dit jaar zijn naast de 4 Spinoza-premies tevens de 2 Stevin-premies bekend gemaakt. Op de foto is ‘t gewijzigde logo/banier te zien.
Gisteren maakte NWO-voorzitter Stan Gielen bekend dat prof. dr. Anna Akhmanova, prof. dr. Marileen Dogterom, prof. dr. Carsten de Dreu en prof. dr. John van der Oost de NWO-Spinozapremie ontvangen, en prof. dr. Beatrice de Graaf en prof. dr. Marion Koopmans de NWO-Stevinpremie. De Spinoza- en de Stevinpremies zijn de hoogste onderscheidingen in de Nederlandse wetenschap. De laureaten krijgen ieder 2,5 miljoen euro, te besteden aan wetenschappelijk onderzoek en activiteiten met betrekking tot kennisbenutting.
De onderzoekers ontvangen de premie voor hun uitmuntende, baanbrekende en inspirerende werk. Sinds 1995 reikt NWO de Spinozapremie jaarlijks uit aan maximaal vier wetenschappers die tot de internationale top van hun vakgebied behoren. De NWO-Stevinpremie, jaarlijks bestemd voor maximaal twee (teams van) onderzoekers, wordt dit jaar voor het eerst uitgereikt. Bij beide premies staat de kwaliteit van de onderzoeker voorop. Bij de Spinozapremie ligt de nadruk op het wetenschappelijke werk en op fundamentele vraagstukken; bij de Stevinpremie gaat het ook om wetenschappelijk werk, maar in de eerste plaats op de maatschappelijke impact ervan.  [Cf. NWO en tweet]

Michel Juffé brengt kritische beschouwing over Frédéric Lenoir en zijn "Le miracle Spinoza" - #spinoza


 
In het blog van 30 april 2018 gaf ik door: « Michel Juffé geeft een overzicht van Franse "vrienden van Spinoza" ». Michel Juffé, zelf Spinoza-specialist, besprak de collega Spinoza-kenners Robert Misrahi, Henri Meschonnic, Bernard Pautrat, Henri Atlan, Jean-François Billeter en Charles Ramond. Ik veronderstelde dat zeker Pierre-François Moreau nog aan bod zou komen  - wat ik nog steeds verwacht.
Gisteren had hij op iPhilo een artikel waarin alleen Frédéric Lenoir aan de orde komt met de vraag: "vrai ou faux ami de Spinoza?"
Juffé wijst erop dat Lenoir, die bestsellers over religie schreef, geen Spinoza-geleerde is. Zelf schrijft Lenoir dat hij Spinoza snel las, tezamen met enige biografieën en commentaren. “Dus we konden het ergste verwachten. Toch is Le miracle Spinoza (Fayard, 2017) aangenaam om te lezen en geeft van Spinoza een tamelijk correct exposé, zelfs al is het bezaaid met kleine fouten en nogal geromantiseerd,” schrijft Juffé, die Lenoir vooral het verwijt dat hij van Spinoza een 'wijze' in de religieuze betekenis van het woord maakt, iets wat Spinoza zeker niet is en nooit mee akkoord zou zijn gegaan - met zo’n voorstelling van zaken.
Ik heb één niet onbelangrijke kanttekening bij waar Juffré beweert: "Non, c’est le corps qui pense et rien d’autre!" Daar drukt hij zich onbeholpen en zeer onspinozistisch uit: het lichaam behoort tot het uitgebreide en dat is een heel ander attribuut dan denken. Nee, het is de mens die denkt! Homo cogitat [2/ax.2] en niet: corpus cogitat.  "Per corpus intelligo modum qui Dei essentiam quatenus ut res extensa consideratur, certo et determinato modo exprimit; vide corollarium propositionis 25 partis I." [2/Def1] 

Enfin, zo zijn we goed voorbereid voor als zijn Nederlandse uitgever Ten have met de vertaling van het boek komt. Inmiddels begint het al op te vallen dat die vertaling er niet al is...

donderdag 14 juni 2018

Tekening van het bronzen beeld van Baruch de Spinoza onthuld te 's Gravenhage 14 September 1880 - #spinoza

Uitgave van Martinus Nijhoff, gedrukt bij Wed E. Spanier & Zn, Lith. v. Z.M.

James Samuel Preus (1933 - 2001) godsdienst scholar schreef enige studies over #Spinoza



Hij heeft merkwaardigerwijs geen Wikipediapagina of andere pagina waar dan ook. Ook is er geen obituary van hem te vinden, terwijl hij toch als godsdienstwetenschapper enige belangrijke studies schreef, om te beginnen met
James Samuel Preus, From Shadow to Promise: Old Testament Interpretation from Augustine to the Young Luther. Harvard University Press, 1969 [Ik vermoed dat het een uitwerking van zijn dissertatie geweest zal zijn].
J. Samuel Preus, Explaining Religion: Criticism and Theory from Bodin to Freud. New Haven, Conn.: Yale University Press, 1987; reprint Scholars Press, 1996
J. Samuel Preus traces the development and articulation of a modern "naturalistic" approach to the study of religion by examining ideas about the origin of religion in the works of nine western thinkers: Jean Bodin, Herbert of Cherbury, Bernard Fontenelle, Giambattista Vico, David Hume, Auguste Comte, Edward Brunett Tylor, Emile Durkheim, and Sigmund Freud. He argues that beginning in the sixteenth century increasing critical detachment from theological presuppositions and commitments made it possible for the question of origins to be posed from an altogether non-religious point of view. This new modernist paradigm was characterized by the conviction that religion could be explained in scientific terms, like any other object of critical investigation. [Cf.]
Ik kom zo op zijn werk over Spinoza, dat uiteraard de aanleiding is voor dit blog. Ik sprokkel voor dit blog hier en daar gegevens vandaan.