vrijdag 15 juni 2018

De NWO-Spinoza-en–Stevin-Premies 2018 bekend gemaakt #spinoza



Foto: NWO/Ivo de Bruijn

Dit jaar zijn naast de 4 Spinoza-premies tevens de 2 Stevin-premies bekend gemaakt. Op de foto is ‘t gewijzigde logo/banier te zien.
Gisteren maakte NWO-voorzitter Stan Gielen bekend dat prof. dr. Anna Akhmanova, prof. dr. Marileen Dogterom, prof. dr. Carsten de Dreu en prof. dr. John van der Oost de NWO-Spinozapremie ontvangen, en prof. dr. Beatrice de Graaf en prof. dr. Marion Koopmans de NWO-Stevinpremie. De Spinoza- en de Stevinpremies zijn de hoogste onderscheidingen in de Nederlandse wetenschap. De laureaten krijgen ieder 2,5 miljoen euro, te besteden aan wetenschappelijk onderzoek en activiteiten met betrekking tot kennisbenutting.
De onderzoekers ontvangen de premie voor hun uitmuntende, baanbrekende en inspirerende werk. Sinds 1995 reikt NWO de Spinozapremie jaarlijks uit aan maximaal vier wetenschappers die tot de internationale top van hun vakgebied behoren. De NWO-Stevinpremie, jaarlijks bestemd voor maximaal twee (teams van) onderzoekers, wordt dit jaar voor het eerst uitgereikt. Bij beide premies staat de kwaliteit van de onderzoeker voorop. Bij de Spinozapremie ligt de nadruk op het wetenschappelijke werk en op fundamentele vraagstukken; bij de Stevinpremie gaat het ook om wetenschappelijk werk, maar in de eerste plaats op de maatschappelijke impact ervan.  [Cf. NWO en tweet]

Michel Juffé brengt kritische beschouwing over Frédéric Lenoir en zijn "Le miracle Spinoza" - #spinoza


 
In het blog van 30 april 2018 gaf ik door: « Michel Juffé geeft een overzicht van Franse "vrienden van Spinoza" ». Michel Juffé, zelf Spinoza-specialist, besprak de collega Spinoza-kenners Robert Misrahi, Henri Meschonnic, Bernard Pautrat, Henri Atlan, Jean-François Billeter en Charles Ramond. Ik veronderstelde dat zeker Pierre-François Moreau en Chantal Jaquet nog aan bod zouden komen  - wat ik nog steeds verwacht.
Gisteren had hij op iPhilo een artikel waarin alleen Frédéric Lenoir aan de orde komt met de vraag: "vrai ou faux ami de Spinoza?"
Juffé wijst erop dat Lenoir, die bestsellers over religie schreef, geen Spinoza-geleerde is. Zelf schrijft Lenoir dat hij Spinoza snel las, tezamen met enige biografieën en commentaren. “Dus we konden het ergste verwachten. Toch is Le miracle Spinoza (Fayard, 2017) aangenaam om te lezen en geeft van Spinoza een tamelijk correct exposé, zelfs al is het bezaaid met kleine fouten en nogal geromantiseerd,” schrijft Juffé, die Lenoir vooral het verwijt dat hij van Spinoza een 'wijze' in de religieuze betekenis van het woord maakt, iets wat Spinoza zeker niet is en nooit mee akkoord zou zijn gegaan - met zo’n voorstelling van zaken.
Ik heb één niet onbelangrijke kanttekening bij waar Juffré beweert: "Non, c’est le corps qui pense et rien d’autre!" Daar drukt hij zich onbeholpen en zeer onspinozistisch uit: het lichaam behoort tot het uitgebreide en dat is een heel ander attribuut dan denken. Nee, het is de mens die denkt! Homo cogitat [2/ax.2] en niet: corpus cogitat.  "Per corpus intelligo modum qui Dei essentiam quatenus ut res extensa consideratur, certo et determinato modo exprimit; vide corollarium propositionis 25 partis I." [2/Def1] 

Enfin, zo zijn we goed voorbereid voor als zijn Nederlandse uitgever Ten have met de vertaling van het boek komt. Inmiddels begint het al op te vallen dat die vertaling er niet al is...

donderdag 14 juni 2018

Tekening van het bronzen beeld van Baruch de Spinoza onthuld te 's Gravenhage 14 September 1880 - #spinoza

Uitgave van Martinus Nijhoff, gedrukt bij Wed E. Spanier & Zn, Lith. v. Z.M.

James Samuel Preus (1933 - 2001) godsdienst scholar schreef enige studies over #Spinoza



Hij heeft merkwaardigerwijs geen Wikipediapagina of andere pagina waar dan ook. Ook is er geen obituary van hem te vinden, terwijl hij toch als godsdienstwetenschapper enige belangrijke studies schreef, om te beginnen met
James Samuel Preus, From Shadow to Promise: Old Testament Interpretation from Augustine to the Young Luther. Harvard University Press, 1969 [Ik vermoed dat het een uitwerking van zijn dissertatie geweest zal zijn]. Zie voor de hoofdstukken hier de latere reprint.  
J. Samuel Preus, Explaining Religion: Criticism and Theory from Bodin to Freud. New Haven, Conn.: Yale University Press, 1987; reprint Scholars Press, 1996
J. Samuel Preus traces the development and articulation of a modern "naturalistic" approach to the study of religion by examining ideas about the origin of religion in the works of nine western thinkers: Jean Bodin, Herbert of Cherbury, Bernard Fontenelle, Giambattista Vico, David Hume, Auguste Comte, Edward Brunett Tylor, Emile Durkheim, and Sigmund Freud. He argues that beginning in the sixteenth century increasing critical detachment from theological presuppositions and commitments made it possible for the question of origins to be posed from an altogether non-religious point of view. This new modernist paradigm was characterized by the conviction that religion could be explained in scientific terms, like any other object of critical investigation. [Cf. en cf. hier voor de hoofdstukken]
Ik kom zo op zijn werk over Spinoza, dat uiteraard de aanleiding is voor dit blog. Ik sprokkel voor dit blog hier en daar gegevens vandaan.

dinsdag 12 juni 2018

Yirmiyahu Yovel (1935 – 2018) is zondag 10 juni overleden - #spinoza


Vanmiddag verspreidde Haaretz 't nieuws: “Professor emeritus Yirmiyahu Yovel, one of Israel's most prominent intellectuals, who combined successful careers in academia and in the public sphere, died Sunday at age 83.”

Meer laat Haaretz niet lezen of je moet betalen... maar het is genoeg. Daarna zag ik dat de Duitse filosoof Thomas Meyer gisterenavond een uitgebreid in Memoriam had op de Süddeutsche Zeitung, waarnaar ik graag verwijs en waarvan ik de foto leen.

Yovel is voor de in Spinoza geïnteresseerden vooral bekend van zijn oorspronkelijk in het Hebreeuws geschreven, bij Princeton University Press in 1989 uitgekomen Spinoza and Other Heretics. Volume One: The Marrano of Reason; Volume Two: The Adventures of Immanence.

Niet iedereen was het eens met hoe vergaand hij Spinoza aan de Maranen koppelde, maar hij heeft er erg grote invloed mee uitgeoefend.

En Yovel is bekend van de conferenties die hij in Jeruzalem organiseerde over elk deel van de Ethica afzonderlijk - uitgegeven in de Jeruzalem-serie “Spinoza up to 2000”. Zie desgewenst hier via Google wat ik op het Spinozablog in de loop der tijd zoal over hem schreef.

Ik bezit zijn boek in een schitterende eendelige Duitse uitgave, waarvan ik zeer kon genieten. Ik heb het zojuist weer eens met grote bewondering ter hand genomen en er in gebladerd - beseffend dat we niets meer van deze Spinoza geleerde zullen horen en alleen in dankbaarheid voor het vele dat hij gepresteerd heeft, aan hem kunnen denken.
Karl Lagerfeld's Spinoza voor Yirmiyahu Yovel's Spinoza. Das Abenteuer der Immanenz - 2012


Rudolf Boehm en Beethovens laatste muziek “Muss es sein? Es muss sein! Es muss sein!” Zou er Spinozistische blije overgave aan een deterministisch inzicht in zitten? - #spinoza


In vervolg op het vorige blog, “Recente teksten over Spinoza van professor filosofie Sonja Lavaert,” ga ik hier nog even door n.a.v. het boek over de filosofie van Rudolf Boehm van

• Paul Willemarck (ed.) Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm. Reeks: Sociale Wetenschappen Kruispunten, #6, Antwerpen/Apeldoorn: Garant, 2018. [cf. maklu.be].

Uit het “Woord vooraf” van Paul Willemarck blijkt dat, toen gezocht werd naar een titel voor dit boek over zijn filosofie, Rudolf Boehm voorstelde te verwijzen naar de woorden die Beethoven aan het laatste deel van zijn laatste compositie toevoegde.

Het laatste, IVe deel, van Ludwig van Beethoven's 16e en laatste strijkkwartet opus 135 in F gr.t., het laatste complete werk dat hij in maart 1827 - een paar maanden voor zijn dood - componeerde, heeft als titel "Der schwer gefasste Entschluss," en begint 'Grave' met de diepe vraag “Muss es sein?" om snel over te gaan in het vreugdevolle en bevestigende 'Allegro' “Es muss sein! Es muss sein!”

Recente teksten over Spinoza van professor filosofie Sonja Lavaert - #spinoza


Sonja Lavaert, die moderne filosofie, filosofie van de Verlichting, taal en maatschappijtheorieën, en ethiek en vertalen aan de Vrije Universiteit Brussel doceert, was zo vriendelijk mij te attenderen op enige recente teksten van haar waarin het vooral en/of in sterke mate over Spinoza gaat. Twee ervan in boeken waarnaar ik al eerder een blog had en een laatste in een uitgave de mij nog onbekend was en waaraan ik hieronder en in een volgend blog de meeste aandacht wil wijden.

[1] Toen ik op 22 april 2018 het blog had over de komst van Sonja Lavaert & Winfried Schröder (Hrsg.), Aufklärungs-Kritik und Aufklärungs-Mythen. Horkheimer und Adorno in philosophiehistorischer Perspektive [De Gruyter, 2018] werd op de website van de uitgever de inhoudsopgave nog niet gegeven; inmiddels is die daar wel te vinden.

[2] In Maria Susana Seguin (Dir.), La Lettre clandestine 2018 n°26: Spinoza et la littérature philosophique clandestine..[Classiques Garnier – mei 2018 – cf. blog] is van haar hand (wat ik al had gezien, maar was vergeten erop te wijzen]:

• Sonja Lavaert, « Entre clandestinité et sphère publique. Le cas Koerbagh ».

[3] In de volgende editie van la Journée d’étude, 23 juni, brengt Sonja Lavaert “iets over L’Esprit de Spinoza.” Ik neem dat ze het misschien over een poosje ook op haar pagina bij academia.edu zal plaatsen.

[4] Tenslotte hoofdstuk in een boek over de filosofie van Rudolf Boehm Paul Willemarck (ed.) Wat moet? En wat is nodig? Over de filosofie van Rudolf Boehm. Garant, Antwerpen/Apeldoorn, 2018. [cf. maklu.be]. Daarin staat van

• Sonja Lavaert, ‘Metafysica van het subject, een misleidende spraakverwarring.’

Haar bijdrage gaat voor 2/3 over Spinoza, onder andere over de taal waarin de Korte Verhandeling is geschreven. Zij vermeldt verder dat in de bijdrage van Christian Van Kerckhove, “De draagkracht van de eindigheid - Brief aan Rudolf,” verwezen wordt naar mijn blog over Boehm en m.n. naar een uitspraak van haar op dat blog.

[5] Momenteel werkt ze aan een monografie over de politieke filosofie in de 17de-eeuwse Nederlanden, werktitel Geen vrijheid zonder gelijkheid, geen gelijkheid zonder vrijheid, te verschijnen in 2018.

Het onder [4] genoemde boek wordt aanleiding tot een volgend blog.