woensdag 26 september 2018

Wolfgang Röd (1926 - 2014) benadrukte “der geometrische Geist” bij #Spinoza [2]


[gefotografeerd tegen de achtergrond van Booms Spinoza Ethica - om een indruk van het kleine formaat van Röds Spinozaboekje te krijgen]

Na het vorige voorbereidende blog volgt hier dan het eigenlijke blog over Röd’s Spinoza.
Wolfgang Röd war bis zu seiner Emeritierung Ordinarius [= Universitätsprofessor] für Philosophie am Philosophischen Institut der Universität Innsbruck [cf. Universität Innsbruck die verder niets over hem heeft; en cf. de pagina met zijn boeken bij zijn uitgever C.H. Beck]. Opvallend is, als je Google zijn naam ingeeft, hoeveel hits je krijgt van sites die zijn boeken aanbieden. Een foto van hem vind je nergens en tussendoor krijg je enige informatie over hem. Daaruit heb ik dit blog samengesteld. Aanleiding is dat ik zijn boekje over Spinoza heb aangeschaft en aan het lezen ben, waarover straks meer. Het boekje kwam uit toen hij al 76 jaar was – de leeftijd die ik nu heb.

Wolfgang Röd studierte Philosophie in Mailand und Innsbruck, wurde 1970 in München habilitiert und lehrte in München und Innsbruck. Er ist Doktor h. c. der Universität Bern und Ehrenmitglied der Österreichischen Akademie der Wissenschaften in Wien. Außer Arbeiten über speziellere philosophiegeschichtliche Themen z. B. Descartes, und Dialektische Philosophie der Neuzeit (auch spanisch, portugiesisch, japanisch und ungarisch) veröffentlichte er unter dem Titel Der Weg der Philosophie (2 Bde., 1994­96; Taschenbuchausgabe 2000) eine Darstellung der Entwicklung des europäischen Denkens von den Anfängen bis zur Gegenwart. Mit systematischen Fragen setzte er sich auseinander in den Werken Erfahrung und Reflexion (1991) und Der Gott der reinen Vernunft (1992). Er ist Herausgeber der Geschichte der Philosophie (1976 ff.), zu der er selbst zwei Bände und Teile weiterer Bände beigesteuert hat. [cf. Autorinformation Reclam]
Röd was lid van de Oekraïensche Kant Vereniging:
Kantian society in Ukraine has held the philosophical seminar in memory of Wolfgang Röd (1926–2014) on September 22, 2014. W. Röd was a member of Kantian society in Ukraine from 1999 and took part more than once in the Society discussions. Wolfgang Röd was an outstanding Austrian philosopher and philosophy historian. First scientific works by W. Röd were written in the framework of German traditions of the history of philosophy. He has formulated his methodological position as critical history of philosophy. Röd was one of contemporary philosophers who studied in detail the problem of the theory and metatheory of experience which he understood in terms of transcendental philosophy. The last of the fourteen-volume History of Philosophy by Röd (published in 2014 in co-authorship with P. Basile) was dedicated to pragmatism and tradition of analytical philosophy. [
cf.]


Hier een pagina uit de huidige prospectus van zijn uitgever C.H. Beck, waaruit blijkt hoeveel hij zich bezig heeft gehouden met de geschiedenis van de filosofie, iets wat goed merkbaar is in zijn boekje over Spinoza.
 
Ik neem hierna twee korte recensies over, waaruit blijkt dat Röd zich eerder door Dscartes en Kant liet inspireren.
HANS DIJKHUIS in Trouw van 27 september 1996 "Röd zoekt eigen route door eeuwen van filosofie". Review Wolfgang Röd: Der Weg der Philosophie. Band II: 17. bis 20. Jahrhundert. Beck, München, [1996]; 637 blz.
"Nu is de auteur, de Oostenrijkse hoogleraar Wolfgang Röd, niet de eerste de beste. Hij is hoofdredacteur en medeauteur van de imposante, twaalfdelige 'Geschichte der Philosohpie', een nog niet voltooid project van de Duitse uitgeverij Beck. Röd meldt dat hij van dit standaardwerk geen uittreksel heeft willen maken, maar ernaar heeft gestreefd “de ontwikkeling van de filosofie in grote trekken zo weer te geven dat de belangrijkste stappen die de filosofie op haar weg door de eeuwen heen heeft gedaan, duidelijk naar voren komen”. Hij gaat er dus vanuit dat er zoiets als een 'weg', een voortgaande, samenhangende ontwikkeling kan worden aangewezen. Maar dat is, zoals Röd terecht opmerkt, alleen mogelijk op grond van een bepaald wijsgerig standpunt dat door de historicus zelf wordt aangenomen. Zijn eigen standpunt is dat van het kantianisme, als een kritische, op rationele argumenten steunende wijsbegeerte. Het was Kant zelf die al van een 'weg van de filosofie' had gesproken, een weg die uitmondde in zijn eigen denken.
Röd is in feite genuanceerder dan zijn grote voorbeeld. Hij erkent dat er meerdere wegen of stromingen zijn, en dat je hooguit van een 'hoofdweg' kunt spreken. Maar omdat hij de zijwegen toch ook aan bod laat komen verschilt zijn boek uiteindelijk niet veel van andere geschiedenissen. Röds studie heeft nog de beperking dat de ontwikkelingen na 1950 er niet in worden behandeld omdat het daarin, volgens de auteur, helemaal moeilijk is geworden om 'de' weg van de filosofie nog te ontwaren. Niettemin bezit het boek, door zijn combinatie van gedegenheid en helderheid, alle kwaliteit om een klassieker te worden.
Dat hij eerder over Descartes schreef komt veelvuldig terug in vergelijkingen die hij in zijn hierna te noemen Spinoza-boek tussen Spinoza en Descartes maakt [cf. deze korte review van hier]
 

 
Zijn werk over Spinoza
• Spinozas Lehre von der Societas. Turin: Edizioni di "Filosofia" [Studi e ricerche di storia della filosofia, 97], 1969. - 61 pp.
• Van den Hoves "Politische Waage" und die Modifikation der Hobbesschen Staatsphilosophie bei Spinoza. In: Journal of the History of Philosophy 8, 1 (1970), 29-48
Geometrischer Geist und Naturrecht : Methodengeschichtliche Untersuchungen zur Staatsphilosophie im 17. und 18. Jahrhundert. München: Verlag der Bayerischen Akademie der Wissenschaften [Bayerische Akademie der Wissenschaften, Philosophisch-historische Klasse: Abhandlungen, Neue Folge, 70), 1970. - 246 pp. –[Review]
• Spinozas Idee der Scientia intuitiva und die Spinozanische Wissenschaftskonzeption. In: Zeitschrift für Philosophische Forschung ; Oktober-Dezember 1977 [Zum Gedenken an den 300. Todestag von Benedict de Spinoza: 24. November 1632 - 21. Februar 1677], 31, 4 (1977), 497-510
Opgenomen in de Spinoza-Sammelband: Martin Schewe & Achim Engstler (Hrsg.), Spinoza. Peter Lang, Frankfurt am Main [e.a.], 1990 - 300 S., 135-150
• Struktur und Funktion des ontologischen Arguments in Spinozas Metaphysik. In: Revue internationale de philosophie 31, no. 119-120, (1-2) (1977) [Spinoza (1632-1677), 84-100
• Die Philosophie der Neuzeit: 1: Von Francis Bacon bis Spinoza. München: Beck [Geschichte der Philosophie,7 / Beck'sche Elementarbücher], 1978 -270 pp.; 2., verb. und erg. Aufl. 1999 - 336 pagina's
§ 8. Perspektiven der Spinoza-Deutung nam ik over in het blog van 06-04-2011 “Vasthouden aan de sterke punten van Spinoza’s filosofie”
„Die Grenzen von Spinozas Rationalismus.“ In: Spinoza nel 350° anniversario della nascita = Proceedings of the first Italian international congress on Spinoza : Atti del Congresso (Urbino 4-8 ottobre 1982) / A cura di Emilia Giancotti. - Napoli: Bibliopolis, 1985: 89-111.
Der Gott der reinen Vernunft: Die Auseinandersetzung um den ontologischen Gottesbeweis von Anselm bis Hegel. München: Beck, 1992. - 239 pp. Daarin Kapitel 2 §3 „Das ontologische Argument in Spinozas Metaphysik, 80-105
• Spinozas Staatsphilosophie und der Geist der Geometrie. In: Ethik, Recht und Politik bei Spinoza: Vorträge gehalten anlässlich des 6. Internationalen Kongresses der Spinoza-Gesellschaft vom 5. bis 7. Oktober 2000 an der Universität Zürich. Hrsg. und eingeleitet von Marcel Senn (Zürich) und Manfred Walther (Hannover). - Zürich: Schulthess, 2001: 173-188.
Benedictus de Spinoza: Eine Einführung. Stuttgart: Reclam  [Universal-Bibliothek, 18193], 2002. - 415 pp. – books.googlePDF met Inhalt en [deel] Einleitung.
Spinozas Philosophie ist vor allem (rationale) Metaphysik. Auch seine Ethik, die Psychologie der Affekte, die Lehre von Recht und Staat und seine Religionsphilosophie beruhen auf metaphysischen Grundlagen. Wolfgang Röd erläutert in dieser fundamentalen Einführung, wie weit Spinozas gesamtes Werk vom Geist der Geometrie beherrscht wird.
Cf. Einleitung § 2. Spinozas Metaphysik und der Geist der Geometrie [deels, 3 v.d. 5 blz., te lezen bij booksgoogle.
Cf. § 4. Der geometrische Geist in ‘t 2e hoofdstuk [in z’n geheel te lezen bij books.google]

Ik kom op dit boekje in een volgend blog terug.
• „Omnis determinatio est negatio.“ In: Grenzen und Grenzüberschreitungen: XIX. Deutscher Kongress für Philosophie Bonn, 23.-27. September 2002; Vorträge und Kolloquien / Hogrebe, Wolfram; Bromand, Joachim (Hrsg./Ed.). - Berlin : Akademie-Verlag, 2004: [478]-488.
Wolfgang Röd, Der Gott der reinen Vernunft. Ontologischer Gottesbeweis und rationalistische Philosophie. München: [reprint] Beck, 2009 – cf. PDF met nieuwe Einleitung
Der ontologische Gottesbeweis - der Versuch, die Existenz Gottes "aus reiner Vernunft", vor aller Erfahrung, zu beweisen - bildet gleichsam den Schlußstein im Kuppelbau der rationalistischen Metaphysik. Wird der Schlußstein herausgebrochen, stürzt das Gewölbe ein. Aufgrund dieser seiner Unentbehrlichkeit spielte der erstmals von Anselm von Canterbury um das Jahr 1100 formulierte ontologische Gottesbeweis noch in der Philosophie des 17. und 18., zum Teil auch in der des 19. Jahrhunderts eine entscheidende Rolle. Wolfgang Röd zeigt, daß sich die philosophischen Systeme eines Descartes, Spinoza, Leibniz, aber auch dasjenige Hegels nur verstehen lassen, wenn man auf die zentrale Stellung achtet, die der Gottesbeweis aus reiner Vernunft in ihnen einnimmt. [cf.]
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten